Boeketten van gedroogde bloemen

Met de uitgeknipte bloemen en stengels zijn mooie droogboeketten te maken. Lang niet alles is geschikt, maar met wat fantasie is veel bruikbaar. De uitgebloeide pluimen van het duizendblad (Achillea millefolium) laten zich uitstekend drogen en vervolgens heel goed mengen met de zilverglanzende judaspenning (Lunaria biennis) en de felrode kelken van de lampionplant (Physalis franchettii). De leuke aartjes van de weegbree (Plantago) contrasteren heel aardig met de gedroogde gele bloemhoofdjes van het boerenwormkruid (Tanacetum vulgare).

De grote uitgebloeide schermen van de hortensia (Hydrangea macrophylla) lenen zich prima voor prachtige, heel grote boeketten. Vooral de roze bloeiende soort geeft gedroogd een heel mooi resultaat: de afzonderlijke bloempjes, waaruit de schermen zijn opgebouwd, krijgen alle tinten van een diep roze tot een zacht bruin. Een grote hoeveelheid bloemschermen bij elkaar geeft een fraai effect. Uiteraard levert één hortensia in de eigen tuin te weinig schermen; bewijs de buren (als ze uiteraard een hortensia bezitten en van hun bloemschermen verlost willen worden) een dienst: knip ook daar de uitgebloeide bloemen uit de Hydrangea’s en voeg ze bij het eigen boeket.

Bloemscherm van hortensia, foto: PlantEnPlagen

Bloemen die speciaal voor droogboeketten gekweekt worden, moeten voor een goed resultaat geplukt worden als ze nog nèt niet open zijn. Immers uitgebloeide bloemen vallen eerder uit. Pluk het te drogen materiaal bij droog weer; dit voorkomt rotting tijdens het droogproces. Wikkel de bloemen in kleine hoeveelheden in papier en hang ze omgekeerd op een niet te warme, donkere plaats te drogen. Na zes weken zijn de bloemen geschikt voor de vaas.

Onkruid

Ongewenste plantengroei

Want dat is ‘onkruid’: een plantje dat op de verkeerde plek staat. Dat zegt dus niets over de eigenschappen of het nut van die plant. Dat ‘onkruid’ kan uitgezaaide vrouwenmantel zijn, een klaproos, smeerwortel; allemaal eerbiedwaardige planten, maar de eigenschappen van die planten zijn op die plek niet gewenst. Onkruid is in die zin vergelijkbaar met de definitie van ‘viezigheid’ van de Engelse antropologe Mary Douglas: ‘Dirt is matter out of place’: een haar in de soep is ‘matter out of place’. Zo zijn onkruiden: ‘plants out of place’.

Onkruidbestrijding
Onkruid wieden is – hoe vervelend ook – de beste manier om ongewenste plantengroei te verwijderen. Wied als de grond een beetje vochtig is; vooral onkruid in kleigrond laat zich dan gemakkelijk weghalen. Zware gronden drogen op tot een harde, ondoordringbare korst; plantjes met penwortels breken dan af in plaats van dat ze uit de grond worden getrokken. De wind verspreidt zaden van onkruiden; regelmatig schoffelen van ontkiemend onkruid voorkomt dat er veel moet worden gewied. Onkruiden met penwortels zoals paardenbloem en melkdistel moeten met wortel en al worden verwijderd. Schoffelen helpt niet: paardenbloem en distel lopen vanuit de afgesneden wortel weer uit. Wie de grond met daarin paardenbloemen en distels freest, hakt de penwortels van deze onkruiden in talloze stukjes, waar ook weer talloze paardenbloemen en distels uit voortkomen. Laat het gewiede onkruid bij droog weer een dagje liggen, het onkruid verdort en laat zich gemakkelijk bijeen harken voor op de composthoop.

Antiworteldoek
Breng antiworteldoek aan op ongeveer 5 centimeter onder het maaiveld, om onkruid op tegel- en grindpaden te voorkomen. Antiworteldoek bestaat uit geweven zwart plastic en laat alleen water door. Het is lichtdicht en wortels komen er bijna niet doorheen. Bijna niet, want na verloop van tijd, is de ervaring, blijkt dat distels toch nog door het antiworteldoek en het grind heen groeien. Ook handig, maar erg lelijk, is antiworteldoek onder jonge heesteraanplant, om de grond onder de heesters onkruidvrij te houden. Zelfs lastig onkruid als zevenblad en kweek groeien niet door antiworteldoek.

herkennen van onkruid, ongewenste planten
Onkruid tussen de stenen, foto: Ethan2039 - CC BY-SA 4.0

Onkruid op paden en verhardingen kan ook met heet water bestreden worden. Dat gieten met heet water moet regelmatig herhaald worden en helemaal verdwijnen doet het onkruid niet, maar het blijft onder controle. De beste tijd om te gieten is aan het eind van de middag als de planten het minste water bevatten. Het hete water warmt de bovengrondse plantdelen op, doet de plant uitdrogen en bij voldoende warmte afsterven.

Voorjaar

Het gaat beginnen!

De dagen lengen, de gemiddelde temperatuur kruipt omhoog, narcissen en krokussen bloeien al. In de moestuin kan wordt compost gestrooid en ingeharkt. Onder glas of in een kas kan al worden gezaaid.
Als de gemiddelde temperatuur boven de 7°C komt, begint het gras te groeien en ook onkruiden steken de kop op. Insecten komen uit hun winterslaap, bijen gaan op zoek naar nectar en sommige insecten gaan op zoek naar fris jong blad. Schimmels en andere ziekteverwekkers worden met het stijgen van de temperatuur actief.
Koolwittevliegen hebben op groenblijvende planten overwinterd en vermenigvuldigen zich in het voorjaar razendsnel om vervolgens koolplanten en aardbeien in de moestuin te koloniseren.
Kiemplantenziekte, een schimmel, tast in het voorjaar jonge bietenplantjes aan.
Gelukkig is het lang niet allemaal kommer & kwel in de moestuin. Voldoende voedingsstoffen en water zorgen voor gezonde gewassen die tegen een stootje kunnen. Wisselteelt houdt bodemparasieten in toom. Schoon gereedschap voorkomt overdracht van ziekteverwekkers.
Is er toch iets mis in de moestuin, dan biedt deze website uitkomst. Deze relationele database geeft per gewas een overzicht van ziektes en plagen. Per plaag wordt vermeld wat eraan te doen is en hoe de plaag te voorkomen.

Pissebedden, foto: Acélan - CC BY-SA 3.0

Pissebedden leven van organisch materiaal en dragen zo bij aan de humusvorming in de bodem. Ondergronds doen pissebedden goed werkt, maar bovengronds is dat helaas niet zo. In het vroege voorjaar, als de eerste zaailingen tevoorschijn komen, vreten pissebedden jong plantgoed aan. Ook bloemen en vroeg fruit zoals aardbeien kunnen aangetast worden.
Insecten, spinnen, kikkers en vogels zijn de natuurlijke vijanden van de pissebed.

Watergeven

Met een gieter of beregenen...

Tijdens droge periodes ontkom je er niet aan om planten in de tuin water te geven. Dat kan per plant met een gieter of alle planten tegelijk door de tuin te beregenen.
Met een gieter is het het beste om de grond rond de planten in een keer ruim te begieten. Eigenlijk zoveel dat de watergift ook de diepere plantenwortels bereikt. Op lichte gronden zal het water snel door de bodem worden opgenomen; op zware klei is dat niet het geval. De grond slaat al snel dicht en er vormen zich plassen: de grond is niet doorlatend.

Om te zien in hoeverre het water bij beregenen met een sproeier in de bodem is gezakt, kun je het beste op een paar plekken in de tuin even een spa in de grond zetten om te kijken tot waar de grond vochtig is. Gebruik een regenmeter om te meten hoeveel er beregend is en noteer de verhouding tussen het aantal beregende mm en het aantal mm vochtig geworden aarde. Ook handig om te weten bij regenval.

Ook bij beregenen geldt dat er beter in één keer ruim beregend kan worden in plaats van elke dag een beetje. Dagelijks een bescheiden hoeveelheid beregenen doet de bodem dichtslaan (klei!) en levert een hogere verdamping op ten opzichte van een wekelijkse forse hoeveelheid. Bovendien worden de dieper gelegen wortels niet bereikt en wordt een oppervlakkiger beworteling bevorderd, waardoor planten eerder uitdrogen. Maak de aarde na het watergeven los; dat voorkomt het dichtslaan van de grond. Bovendien droogt losgemaakte grond minder snel uit.

Tijdens droogte is het het beste om niet de hele tuin te beregenen, maar per plant een forse hoeveelheid water te geven, en dat één keer per week. Ontkiemend onkruid tussen de planten krijgt zo geen kans om te groeien. Pas geplante heesters en zomergoed hebben natuurlijk minder maar vaker water nodig, om te voorkomen dat ze niet uitdrogen.

’s Avonds watergeven geeft de planten de gelegenheid gedurende de nacht water op te nemen. Echter de vochtige omgeving maakt ook slakken actief. ’s Morgens watergeven voorkomt dat, maar verkort de tijd dat de planten een surplus aan water kunnen opslaan. ’s Morgens drogen de planten beter na het watergeven, wat dan weer de kans op schimmels beperkt.

Met ijzer verontreinigd water
Beek met ijzerhoudend water, foto: D. Hardesty - CC Public Domain

Grondwater uit de kuststreek kan een hoog zoutgehalte hebben. De meeste planten in de moestuin zijn niet zout-tolerant. Het zoutgehalte is zelf te meten.
Grondwater moet niet worden gebruikt als het sterk ijzerhoudend is. IJzerhoudende grondwater oxideert met zuurstof uit de lucht tot ijzeroxide (Fe3O4) – roest. Roest is niet in water oplosbaar en wordt niet door planten opgenomen. Roest veroorzaakt bruinige verkleuring van gewassen, bestrating, meubilair en muren van gebouwen. Omdat planten roest niet opnemen, hebben planten er weinig last van. Op bladgewassen neergeslagen roest maken de groente er niet lekkerder op.
IJzerhoudend grondwater kan dus wel voor bevloeiing (gieter) gebruikt worden, maar is ongeschikt om te vernevelen of te sproeien. Door aan vers grondwater te ruiken of het even te proeven is de aanwezigheid van ijzer vast te stellen.